Strijden voor je positie in een gedeeld gebouw

Pionier ’t Schöpke en het Wmo-ideaalbeeld

Print Friendly

De Wmo leidde tot papieren visies over samenwerking tussen instellingen en initiatieven om de zorg betaalbaar te houden. De realiteit is anders. Als er al contact is met partners, moet pionier ’t Schöpke vechten voor een rechtmatige positie in het grote pand.

De trend was er een op basis van een ideaalbeeld: één gebouw voor zorg, jeugd en wijkfunctie. Dagbesteding, ontmoetingsplek en opvang samengevoegd in de kern van de wijk. In het kader van de Wmo dwong de overheid instellingen en initiatieven tot samenwerking, voor meer eenvoud, overzicht en kostenbesparing.

Die samenwerking kwam er nooit in Venray. Wijkcentrum ’t Schöpke deelt een groot gebouw met kinderopvang en zorginstellingen voor senioren, psychiatrische patiënten en mensen met een verstandelijke beperking. Erik Zijlstra en Ger Koreman vertellen hoe zij meerdere malen toenadering hebben gezocht met de groepen, afspraken hebben proberen te maken voor overleg. “Maar dan komt er niemand opdagen”, vertelt Koreman, zichtbaar gefrustreerd. Missie gefaald dus. Alleen de Zorggroep, die onderdak biedt aan veertig senioren met een verzorgingshuisindicatie, roert zich.

schopke-3

Dichtgelaste ventilatieschachten

Daar ontstaat frustratie nummer twee van de gedwongen samenwerking: de rechtmatige positie van het wijkcentrum in het pand dat zij delen met andere partijen. Het gaat van kleine tot grote problemen. Zo rekende de Zorggroep een koffieprijs tegen inkoopkosten, maar vergat het de afschrijvingen. Gevolg is dat er maanden werd gesteggeld over het prijsbeleid: de Zorggroep wilde het goedkoop houden, ’t Schöpke dacht aan zijn exploitatie en wil goede koffie uit een automaat, tegen een hogere, maar acceptabele prijs. Vlak voor het verschijnen van dit artikel horen we dat er overeenstemming is bereikt tussen de twee partijen.

“Dit is een hele mooie fase”

Breder is de overkoepelende problematiek over een eerlijke verdeling van betaling en bezetting. ’t Schöpke is gevestigd in een complex gebouw met weinig zicht op praktische complicaties. Er was bijvoorbeeld onenigheid over het energieverbruik en de verdeelratio van de kosten. Wat bleek: in plaats van één elektriciteitsmeter waren er zeven, voor iedere ‘partner’ één. Ook het afzuigsysteem bleek al jaren niet te werken. Wenkbrauwen werden alom gefronst toen men erachter kwam dat hele ventilatieschachten bleken dichtgelast of überhaupt nergens op uit kwamen. Ooit is het misgegaan, maar wie draait nu op voor de kosten?

Flauw doen

Dus sturen Zijlstra en Koreman aan op een herberekening. Niet alleen van de koffieprijs, maar een herverdeling van alle kosten en het herzien van de volledige huursituatie. Dat is nodig om de verantwoordelijkheid en het eigenaarschap in een nieuw licht te zetten. Nu is de woningcorporatie Wonen Limburg eigenaar, maar maakt de Zorggroep als prominent gebruiker de meeste beslissingen. En dat is funest, in een gebouw waar amper contact is tussen de partijen. ’t Schöpke, maar ook Wonen Limburg, worden zo vaak niet ingelicht over ingrepen in het gebouw.

WOC 't Schöpke stelt ruimte beschikbaar voor onder andere drie dansstudio's

WOC ’t Schöpke stelt ruimte beschikbaar voor onder andere drie dansstudio’s (Foto: Henk Lammen)

De situatie op de vloer is als volgt: van alle ruimtes in het pand is er één exclusief voor ’t Schöpke. Dat is een grote ruimte voor verhuur en ‘het bestaansrecht’ van het wijkcentrum volgens Zijlstra. Ook is het hoofdhuurder van de overige gezamenlijke ruimtes in het pand, en daarmee beheergroep achter wiens rug om beslissingen worden gemaakt. De groep vrijwilligers achter ’t Schöpke is, als het gaat om besluitvorming, ondergeschoven partij tegenover de dominante Zorggroep. Daar moet verandering in komen.

“Wij zijn zwak, dat is onze kracht”

De strijd om een rechtmatige sterke positie in het gebouw gaat ’t Schöpke graag aan. “Wij zijn zwak, dat is onze kracht”, filosofeert Koreman. “Als wij negatief in het nieuws komen, slapen wij er niet slechter van. Komt een professionele partij als de Zorggroep negatief in het nieuws, dan hebben ze de poppen aan het dansen.” Als hoofdhuurder staat ’t Schöpke juridisch sterker, en juist omdat het bestuur niet vanaf het begin betrokken is geweest (het huidige bestuur met Zijlstra en Koreman nam vorig jaar de taken over van het vorige) bij alle beslissingen is het niet bang flauw te gaan doen. Verwijst een andere huurder naar in het verleden gemaakte afspraken, dan vraagt ’t Schöpke om bewijs: laat maar zien waar het zwart-op-wit staat. Kleine kans dat de papieren paraat liggen en er de motivatie is om oude contracten door te ploegen.

Een hele mooie fase

Op veel plekken in Nederland doen zich situaties als deze voor. Partijen die veroordeeld zijn tot samenwerking, maar waartussen er geen of slecht contact is. Onenigheid door gedwongen collaboratie. Frustrerend, zou je zeggen, maar dat ziet ’t Schöpke anders. “Eigenlijk is dit een hele mooie fase”, glimlacht Erik Zijlstra. Actief vechten voor een rechtmatige verdeling van vierkante meters en prijs, strijden voor een sterk wijkcentrum; dat zijn voor Zijlstra en Koreman juist redenen geweest om stichting WOC ’t Schöpke op te starten en zitting te nemen in het bestuur. De missie van de overheid is dan wel mislukt, ’t Schöpke is volop bezig zijn eigen missie te laten slagen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*