In Wijkcentrum Brukske is iedereen welkom

Herboren buurthuis springt in het diepe

Print Friendly

Nieuw gebouw, nieuw bestuur, nieuwe doelgroepen, nieuwe vrijwilligers; de herstart van het Brukske is in alle opzichten een breuk met het verleden. Op 2 oktober is de officiële opening van het nieuwe wijkcentrum in Venray; Beheer je buurthuis sprak met voorzitter Esther van Wamelen over de aanloop naar het nieuwe begin.

De Somalische gemeenschap heeft zijn plek gevonden in het Wijkcentrum Brukske, net als de Turkse. Aan toenadering van de Marokkaanse gemeenschap wordt gewerkt. De groepen kwamen in het oude Brukske – een ‘donker wijkcentrum met lage plafonds’ – niet over de vloer; nu weten ze hun weg te vinden. Het was een van de doelen voor het nieuwe Brukske: nieuwe doelgroepen binnenkrijgen en ze laten participeren, in plaats van hen alleen iets voor hun eigen gemeenschap te laten organiseren.

Hoe is dat gelukt? “Gewoon door het te doen!”, antwoordt Esther van Wamelen. Ze is de voorzitter van het bestuur van het nieuwe Brukske en stond aan de wieg van de herstart van het wijkcentrum. Het hielp dat het Brukske een Iraniër in het bestuur heeft, legt ze uit. Er was sprake van een multicultureel sneeuwbaleffect: “In het kielzog van de moslimgemeenschap komen er een heleboel mensen mee. De Somaliërs zijn over het algemeen ook moslim, de Turkse gemeenschap komt dan binnen en de Marokkaanse gemeenschap vindt aansluiting. Als één schaap over de dam is…”

Het nieuwe MFC-gebouw, zoals voorgesteld door architecten van Laride

Het nieuwe MFC-gebouw, zoals voorgesteld door architecten van Laride

“Wij zeggen altijd ja”

Hoewel de officiële opening van het Wijkcentrum Brukske, gevestigd in het gloednieuwe MFC Brukske, op 2 oktober plaatsvindt, zijn de deuren al sinds juni open. Via mond-tot-mondreclame kreeg de ontmoetingsplek al gauw de naam dat iedereen er welkom is. “Wij zeggen eigenlijk altijd ja, en als het nee is, dan proberen we er ja van te maken”, zegt Van Wamelen. Die ja moet het dan wel scheppen binnen de beperkingen van het gemeentelijk beleid. De wetten van de paracommercie verordenen een maximum van zes commerciële feesten per jaar; de rest krijgt het Brukske voor elkaar door activiteiten te verbinden aan non-commerciële feesten die officieel niet door het wijkcentrum worden georganiseerd.

Terug op de arbeidsmarkt

Mensen van verschillende afkomst voelen zich welkom in het wijkcentrum. Dat heeft mede te maken met het vrijwilligersbeleid van MFC Brukske. Van Wamelen legt uit: “We proberen via de Participatiewet, de Wet Werk en Inkomen, via de gemeente mensen binnen te krijgen die een bijstandsuitkering hebben of schulden of wat dan ook – mensen die wel kunnen werken. Jongeren, maar ook wat oudere mensen die toch wat moeilijker aan de bak komen wanneer ze 55 plus zijn. En niet alleen Nederlanders die uit Nederland komen met een blank huidje, maar ook de allochtone mensen. Ook de allochtonen jongeren, die inmiddels derde generatie zijn, hebben soms moeite om aan het werk te komen.”

In het wijkcentrum kunnen ze arbeidsritme opdoen, nieuwe vaardigheden leren en de Nederlandse taal (beter) leren, en opgeleid worden tot bijvoorbeeld gastheer of gastvrouw. “Als je in alle gelederen mensen kan halen, dan voelt iedereen zich welkom. Er staan niet alleen maar oude blanke mannen achter de bar.”

Brukske krijgt het Fairtrade-label van burgemeester Hans Gilissen. De gemeente is een 'fijne partner' voor het nieuwe wijkcentrum

Brukske krijgt het Fairtrade-label van burgemeester Hans Gilissen. Rechts op de foto voorzitter Esther van Wamelen.

De gemeente is een fijne partner voor het vrijwilligersbeleid. Via de lokale overheid werft het wijkcentrum in MFC Brukske vrijwilligers voor drie tot zes maanden, met de bedoeling dat ze terug de arbeidsmarkt op gaan. Die vrijwilligers werken in blokken van drie uur, zodat de werkzaamheden zo weinig mogelijk impact hebben op hun dagindeling. Van Wamelen: “Dan werk je van 9 tot 12 terwijl je kinderen op school zitten, leer je weer omgaan met op tijd komen, je houden aan bepaalde regels en werk doen met richtlijnen en kaders.” Ze voegt eraan toe: “Met een kleine groep vaste vrijwilligers kun je die mensen goed begeleiden naar een betaalde baan. Dat is wel in het diepe springen.”

Denkers en doeners

Het open karakter, de samenwerking met de gemeente; het zijn onderdelen van de visie waarmee Esther van Wamelen het wijkcentrum probeert vorm te geven. Ze zocht een gemotiveerd bestuur van ‘denkers en doeners’ bij elkaar met een overeenkomstige ideeën. Vanuit haar achtergrond als leidinggevende probeert ze die visie terug te leggen in het buurthuis, een visie “waarin je mensen in hun kracht zet. Niet iedereen is geschikt om gastheer of gastvrouw te worden. Er zijn ook mensen nodig die het fijn vinden om iets in elkaar te zetten, om wat te poetsen, om ervoor te zorgen dat de inrichting klaar is, om de technische dingen daaromheen te verzorgen, om een glas bier of cola in te schenken.”

De bar van het nieuwe wijkcentrum (Foto: Wim Beks)

De bar van het nieuwe wijkcentrum (Foto: Wim Beks)

“Menig restaurant zou jaloers zijn”

Met een andere visie komen ook andere eisen aan het dagelijkse beheer van het wijkcentrum. Van Wamelen verwachtte in eerste instantie dat vrijwilligers bepaalde dingen wel zouden weten, maar merkte al gauw dat iedereen behoefte heeft aan structuur, instructies en richtlijnen. “Daar moet je als beheerder strak op zitten. Elke dag moeten vrijwilligers weten: dit en dat moet je nog doen. Hoe dat precies gaat is even zoeken, wanneer je met vrijwilligers zonder horecaervaring werkt. Als bestuur waren we niet van plan dagelijks aanwezig te zijn, maar je merkt dat het toch wel handig is. Je hoeft er niet continu te zijn als je strakkere regels opstelt, kaders te geven, duidelijkheid te scheppen over de werkzaamheden; dan kun je het ook makkelijker loslaten.”

De professionele insteek, professionele keuken (“menig restaurant zou jaloers zijn”); het zijn nieuwe dingen in Wijkcentrum Brukske. Dat betekent dat niet iedereen mee wil of kan. Jammer, vindt Van Wamelen, maar dat is volgens haar het natuurlijke verloop van vrijwilligerswerk: “Op een gegeven moment is het niet meer je plekje en wordt het anders. Dat geeft wel ruimte voor nieuwe mensen die het eerst lastig vonden om bij die groep mensen te komen. Die dynamiek maakt het ook wel weer heel leuk. Sommige mensen vallen eruit, andere mensen vinden juist de kracht die ze op de vroegere plek niet konden vinden.”

Het nieuwe MFC Brukske, waarin het wijkcentrum is gevestigd (Foto: Wim Beks)

Het nieuwe MFC Brukske, waarin het wijkcentrum is gevestigd (Foto: Wim Beks)

Bruidsschat

Behalve vrijwilligers, kreeg het nieuwe wijkcentrum een bruidsschat van het oude. Servies, meubilair, en een muziekinstallatie gingen mee na een inventarisatie; financiële zaken worden nog afgerond. Daarmee wordt definitief een punt gezet achter het verleden, en kunnen Van Wamelen en het bestuur kijken naar de toekomst.

Brukske wil centraal eetpunt voor de wijk zijn

De grootste uitdaging? “Onze eigen broek ophouden.” Na vijf jaar moet Wijkcentrum Brukske geheel zelfstandig draaien van de gemeente. De huur van het pand in het MFC is ‘niet mis’, zegt Van Wamelen. Geld moet er komen door vergaderzalen ook overdag te verhuren, symposia te organiseren en, Brukskes grootste wens, een centraal eetpunt voor de wijk zijn. Er is al een lunchkaart, maar met de uitgebreide keuken en verschillende kookgroepen in het pand moet het wijkcentrum ook avondmaaltijden kunnen verzorgen voor een schappelijke prijs.

Maar eerst de officiële opening op 2 oktober, als kroon op het werk dat bestuur en vrijwilligers hebben gestoken in een licht, open, toegankelijk en vooral gloednieuw thuis voor de wijk Brukske.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*